Skip to main content

Door Enguerrand Artaz, Fund Manager La Financière de l’Echiquier

De inflatie, sinds eind 2021 hét gespreksonderwerp op de financiële markten, heeft de afgelopen maanden gaandeweg plaats gemaakt voor de vraag of er een recessie op til is. Toch zou de inflatie binnen afzienbare tijd weer op de voorgrond kunnen treden.

Om te beginnen is er – nog – niet in alle regio’s van de wereld sprake van een dalende inflatie zoals we die met name in de Verenigde Staten zien. In de eurozone begint de totale inflatie wel af te nemen dankzij de lagere energieprijzen, maar zit de kerninflatie nog steeds in de lift. In Japan, dat lang gespaard bleef van oplopende prijzen, bereikt de inflatie op dit moment een niveau dat al sinds de jaren 1990 en zelfs de jaren 1980 niet meer gezien was, wat de Japanse nationale bank er zelfs toe bracht om haar sinds vele jaren uiterst verruimende monetaire beleid te herzien. Van alle grote economieën lijkt voorlopig alleen China de dans te ontspringen.

Alleen ligt er in het Rijk van het Midden heel wat brandhout te wachten om het wereldwijde inflatievuur weer op te poken. De snelle heropening van het land na het abrupte einde van de strenge coronamaatregelen zal de vraag, in het bijzonder naar grondstoffen, doen opveren. Dat kan grote gevolgen hebben voor de prijzen, want China importeert gemiddeld een vijfde van de wereldwijde olieproductie, meer dan de helft van het koper en nikkel en drie vijfde van het aanbod van vloeibaar aardgas. Bovendien heeft de Chinese bevolking gedurende die lange kwartalen van strenge maatregelen een hoop spaargeld opgepot, ook al heeft de Volksrepubliek geen verregaande maatregelen genomen om de vraag aan te wakkeren zoals de Verenigde Staten met hun directe inkomenssteun voor de huishoudens. In 2022 spaarden de Chinese huishoudens maar liefst 2,6 biljoen dollar bij elkaar. Die berg spaargeld vormt een diep koopkrachtreservoir, dat klaar staat om de wereldeconomie te bevloeien nu Beijing de grenzen weer opent.

Zo’n plotse toename van de vraag zou wellicht wereldwijd de groei aanzwengelen en vooral gunstig zijn voor Europa, waar veel bedrijven aan de consumptie in China zijn blootgesteld. Ze kan echter ook leiden tot nieuwe problemen in de toeleveringsketens, net nu die weer min of meer normaal begonnen te functioneren. De rust is daar de afgelopen maanden trouwens alleen aan de oppervlakte teruggekeerd, onderhuids zijn er grote verschillen – sommige producten zijn overvloedig in voorraad, andere blijven hardnekkig schaars.

Hoe snel de heropening van de Chinese economie zal doorsijpelen naar de wereldeconomie, is nog onduidelijk. De aanhoudende problemen op de woningmarkt zetten een rem op de bouwsector, wat de vraag naar een aantal grondstoffen beperkt. De Chinezen, die tijdens de pandemie spaarzaam hebben leren leven en onzeker zijn over de economische vooruitzichten, staan misschien ook niet meteen te springen om hun spaargeld overhaast te laten rollen. We moeten echter waakzaam blijven voor een nieuwe vlaag van inflatie door de heropening van China, net nu de inflatie niet langer de gedachten van beleggers lijkt te overheersen en de financiële omstandigheden aanzienlijk zijn versoepeld, wat de taak van de centrale banken compliceert.

KFI

Author KFI

More posts by KFI